Tagarchief: Dance

Holland in the House – Ronald Tukker

Boekcover Holland in the HouseBoeken over dance zijn ‘hot’. Er zijn de afgelopen jaren legio leeswerken uitgebracht. Veelal van ‘insiders’ die subjectief maar feitelijk hun ervaringen op papier zetten, maar we lazen zeker ook meer RTL Boulevardachtige, hijgerige, verhalen van zelfbevlekkers over drank, drugs, vrouwen en de over the top gekkigheden die, kennelijk, schering en inslag zijn in de muziekbusiness. Mijn nieuwsgierigheid was dan ook wel gewekt toen het voorwoord mij meldde dat artiesten als Gregor Salto, Joris Voorn, Wessel van Diepen en Jebroer het niet zouden hebben over roem, geld en excessen…

Het voorwoord vertelt geen leugen. Een paar feiten ter illustratie om een beeld te krijgen bij wat het boek je leert:

  • Gregor Salto vertelt onder andere waar hij zijn inspiratie vandaan haalt, maar ook hoe hij het zoveel jaren heeft volgehouden in de muziekwereld. Het afgelopen decennium is het natuurlijk steeds meer goud wat er blinkt, maar verdienen was niet altijd gemakkelijk. Welke track breng je uit en vooral hoe?
  • Wie kan er stil blijven staan wanneer ‘­Give it up’­ langskomt? Maar wie weet eigenlijk dat deze plaat van de hand is van de heren die we nu kennen als Chocolate Puma? Tot vijftien jaar geleden gebruikten ze voor bijna elke release een andere naam/alias…
  • Simulated van Marco V was eigenlijk helemaal geen tranceplaat. Zijn producties met Benjamin Bates werden eigenlijk nooit direct een commercieel succes. Door je plaat een titel te geven waarmee je met een druk op enter al je mp3-tjes kwijtraakt, win je natuurlijk ook geen populariteitsprijs.
  • Het boek schenkt ook aandacht aan vocaal succes: Pryme die met formatie King Bee zelfs in het voorprogramma van Madonna mocht optreden. Maar ook de nummers van eurodanceformatie Sonic Surfers kunnen jou als lezer niet zijn ontgaan.
  • Parkzicht is belangrijke basis geweest voor vele succesvolle artiesten. Ook Robin Albers was hier te vinden: hij toonde, op uitnodiging van Rob, lef door in de gabbertempel zijn mellow te draaien!
  • Tjeerd Oosterhuis is niet een naam die je direct zou verwachten, maar Total Touch was toch echt wel wat. In het voorprogramma van Michael Jackson sta je niet omdat je niets presteert. En ook de meer soulful house behoort een plek toe in het spectrum.
  • Wessel van Diepen is natuurlijk van onschatbare waarde waar het gaat om dansmuziek. Van toegankelijke vrolijkheid Vengaboys tot een podium voor allerlei jonge gasten en nieuwe stijlen (Van Diepens Dance Department) en met het benoemen van deze twee merken raak je nog maar net de oppervlakte van wat hij heeft gedaan.
  • Tja, Jebroer…..you either love him or you hate him. Op gang gebracht door oa Yellow Claw  in 2012 (remember ‘Nooit meer slapen‘?), maar door de Herman Brood Academie te bezoeken heeft hij zijn talent weten door te ontwikkelen en staat hij symbool voor een nieuwe generatie met weer een nieuwe sound.
  • Gevoelsmatig een vreemde eend in de bijt in dit boek is zangeres Karsu Dönmez. Een optreden in DWDD betekende haar doorbraak in Nederland, die je overigens ook echt wel verdient als je in het befaamde Carnegie Hall optreedt op je 17e.
  • Joris Voorn behoeft natuurlijk geen introductie. Je leest over zijn klassieke achtergrond, wie zijn zijn inspiratiebronnen en zijn label ‘ Rejected’. Dit hoofdstuk voelt wel wat ‘klein’ in vergelijking met sommige andere interviews. Het verhaal had wat mij betreft wat meer uitgediept mogen worden.
  • Stefan Kruger, wie? Waarschijnlijk zeggen New Cool Collective en Zuco 103 je meer? Ook had hij de leiding over de band van Caro Emerald. Me dunkt dus iemand die het klappen van de zweep kent. Zijn mening over de Nederlandse muziekcultuur is in ieder geval het lezen zeker waard!
  • Arjen de Vreede is ook niet direct een naam die bij veel mensen een lichtje doet branden. Hij is echter actief als dj, producer en betrokken bij diverse bands en acts waarvan Urban Dance Squad wellicht het meeste succes behaalde. Voornamelijk buiten onze landsgrenzen.

Conclusie
Je moet echt geïnteresseerd zijn in de muziek. Een feestje pakken, een beetje opgaan in de scene is niet voldoende om dit boek echt interessant te vinden. Het gaat de diepte in en raakt de basis van de muziek die je hoort in de clubs en op de feesten. Maar het is niet alleen de echte house, het raakt ook genres als jazz, soul, urban. Heb je dus een brede muzikale interesse dan is dit zeker een aardig boek voor jou.

Snuiven, seks, stupiditeiten….het blijft echt leuk om te lezen wat er gebeurt in de wereld achter de schermen waar wij als publiek niet bij komen. Maar na het lezen van Ronald Tukkers boek beklijft toch ook weer een gevoel van trots. Rijkdom is meer dan alleen een hoop geld. Rijkdom is ook muziek creëren die mensen raakt, die verenigt en die gevoelens blootlegt en troost biedt bij verdriet of je doet glimlachen door het oproepen van herinneringen. Dat soort muziek vindt gelukkig best vaak zijn oorsprong in Nederland. Na het lezen van Holland in the House besef je weer dat een klein land groot en van betekenis kan zijn.

Deze recensie verscheen eerder op Partyflock.nl

No Limit. De ultieme Eurodance-hits uit de 90’s

Boekcover No LimitEurodance: toegeven dat je het luisterde en ervan genoot was not done, maar getuige de enorme verkoopcijfers smulde iedereen van artiesten als 2 Unlimited, Haddaway, The Vengaboys en Aqua. Er waren veel eendagsvliegen, maar evenzoveel ‘credible’ artiesten die eurodance produceerden. En public haalden ze hun neus ervoor op, maar achter de schermen zijn er wat bankrekeningen gespekt. Het is net als met roddelbladen: niemand zegt ze te lezen, maar ze zijn bij de kapper en tandarts als eerste uit de Leesmap verdwenen…..

Het boek ‘No Limit’ van Colin en Kevin Kraan leest als zo’n roddelblad. Love stories, succesverhalen, intriges, onderlinge ruzies die via dit boek gewoon nogmaals uitgevochten worden….. De vergelijking gaat echter mank als we het waarheidsgehalte beoordelen. Dat ligt in het geval van de broertjes Kraan namelijk wel waar het zou moeten liggen: hoog. Er is een behoorlijke periode overheen gegaan voordat alle verhalen, alle interviews (afge)rond waren en het is duidelijk dat er aan hoor en wederhoor is gedaan.

Het blijkt dat ‘de pers’ helemaal niet nodig is om het genre in het verdomhoekje te plaatsen. Meerdere grootheden van weleer blijken flink last te hebben van hun ‘zeurzakje’ en doen geen enkele moeite om het genre waar ze hun meeste (enige?!) succes in behaalden in een beter licht te plaatsen. ‘What is love’ van de welhaast ondankbare Haddaway klinkt vanaf nu toch anders als je in ‘No Limit’ zijn klaagzang met daarin onder meer de uitspraak ‘ik hou van m’n ego’ hebt gelezen. Voor iemand die de pers haar negativiteit kwalijk neemt, zeikt ie zelf behoorlijk van zich af.

Het boek bestaat uit veelal luchtige, maar ook schrijnende verhalen en wetenswaardigheden. Geen liefhebber van Rednex’ ‘Cotton Eye Joe’? Je leest hoe je ze voor altijd het zwijgen op kunt leggen. Je leest ook waarom Scooter lange tijd niet optrad in Nederland. En dat dat optreden €70.000 moet kosten, is niet eens de belangrijkste reden. Ook leren we over de belangrijke rol van het Amerikaanse leger voor de Eurodance en weet jij welke zangeres de zang van de bekende Coca Cola-kerstreclame voor haar rekening heeft genomen?

Conclusie
Uitgever Mary Go Wild blijft fijne boeken in het dance-segment uitbrengen. Eerder waren het stevigere werken over Dano en Multigroove, ditmaal is het een heerlijke ‘snack’. Het boek heeft ook nog eens een fijne vormgeving: prettig lezende typografie, er is afwisseling door foto’s en er is sprake van kleurgebruik door het gehele boek heen. En de cover schreeuwt ‘pak mij op en lees mij!’

Sinterklaas is reeds terug naar Spanje, maar mocht je het feestje van die bolle rooie met kadootjes vieren: deze kun je prima onder boom leggen. En wat ons betreft kun je dat zonder enige schaamte zelfs gewoon voor jezelf doen!

Deze recensie verscheen eerder op Partyflock.nl

DJ Jean – Gekkenhuis!

Boekcover DJ Jean - GekkenhuisDe biografie ‘Gekkenhuis!’ over Jean werd maanden geleden al aangekondigd en de afgelopen week vond de release party plaats in het Amsterdamse. Je hebt er ongetwijfeld al over gelezen. Enkele opzienbarende anekdotes werden reeds gepubliceerd. Dat de dj met veel vrouwen het bed deelde, weten we inmiddels dus wel. Is het boek naast de geruchtmakende feiten het lezen waard?

De afgelopen paar jaar zijn boeken over dance populair. Waar de tot nu toe verschenen boeken vooral een weergave zijn van de geschiedenis van grote evenementen, lees je in deze biografie een leuke samenvatting van de club scene en de daarin actieve spelers. Hoe de iT de toonaangevende club in Nederland en misschien zelfs de wereld was. Toko’s als de Lexion, Marcanti, The Power Zone kan de wat oudere generatie zich nog wel herinneren. Jean werd er groot en bleef een graag geziene gast. Onder invloed van de festivals, de vercommercialisering van de dance en de evolutie van het Internet werd het clubleven (helaas?) een stuk minder legendarisch. We lezen in vogelvlucht over deze evolutie en de invloed die deze had op de clubdj’s en met name natuurlijk de hoofdpersoon van deze biografie.

‘Respect the skills’
Er kan geen bio van Jean verschijnen die niet ingaat op hét filmpje uit 2004. We lezen inderdaad wat Jan er nu zelf van vond (onhandig, want dronken). Net als over het RTL Live debacle. Hij maakt hierbij trouwens een goed punt: door het Internet en social media moet iedereen en met name een bekende dj uitkijken wat je doet. We smullen allemaal van de verhalen over ‘vroegah’ omdat het zo heftig en gek en tof was. Maar dat was natuurlijk ook de tijd. Het kón. Je kon in redelijke anonimiteit je eens laten gaan. En als je al eens iets doms deed dan ging het van mond-tot-mond en je reputatie was betrekkelijk veilig. Het is dus eigenlijk jammer dat Jean zo ongenadig is afgemaakt om dat ene filmpje, want zoals Tiësto ook opmerkt: Jean is gewoon koning van de draaitafels, dáár doet een flesje wodka niets aan af. Jean is (in ieder geval wat betreft muziek) alleskunner, maar nu eenmaal geen allemansvriend. Dat komt deels door de Nederlandse cultuur waarin middelmatigheid de norm is en je kop niet boven het maaiveld uit mag steken. Maar deels is Jean er ook zelf debet aan. Meermaals komt hij in dit boek over zoals hij je hem kent uit de media: zelfverzekerd op het arrogante af. Hij vindt zichzelf overigens in het geheel niet arrogant of verheven. In een volgend hoofdstuk is hij weer down to earth als hij het heeft over hoe hij het laatste decennium zijn carrière heeft laten versloffen. Of in ieder geval er geen nieuwe impuls aan heeft gegeven. Hij staat voor wie hij is en you either love him or hate him. Met een carrière zoals Jean heeft (gehad), kan iedereen het er wel over eens zijn dat je een topartiest bent!

Conclusie
Het boek loopt lekker. Victor Mastboom neemt je mee op een reis van verleden tot heden en ook de belangrijke personen in het leven en de carrière van Jean komen aan het woord om het wat achtergrond en extra sjeu te geven. Er staan leuke anekdotes in over seks & vrouwen (hij werd inderdaad met enige regelmaat gepijpt in de dj booth), over toeren in het buitenland (stap niet dronken in een taxi als je om de hoek van je hotel in een bar zit), ontmoetingen met allerlei figuren tijdens de nachtelijke uren, je leest hoe ‘de pet’ voor Jean equivalent is aan de bh van een vrouw. Ook blikt Jean terug op zijn successen en samenwerkingen op creatief vlak (‘ The Launch’ leverde hem maar anderhalve ton op).

Deze recensie verscheen eerder op Partyflock.nl

Multigroove – Arne van Terphoven

Boekcover Multigroove - Arne van TerphovenIedereen die deelneemt aan de dance-scene weet dat Multigroove anders is dan de meeste organisaties. Anders dan de absolute top terwijl het langer bestaat dan 99% van de op dit moment in de scene actieve mensen en organisaties. Ontstaan in de tijd dat er geen concurrentie was, alleen vriendschap, respect en een onderlinge band gesmeed door de liefde voor de rave en de muziek. Alternatievelingen, creatieven en vrijdenkers creëren uit niets een belevenis. Er was nog geen sprake van beteugeling of betutteling. De verhalen in dit boek geven een gevoel van romantiek. Wat moet die begintijd tof zijn geweest! Maar de status quo behouden is weinig dingen gegeven. Ook Multigroove niet. De grootste invloed hierop was Ilja, de grote man van Multi, zelf. Maar ook Nederland regeltjesland had invloed.

Operatie Staartjes: de meesten hebben er van gehoord. Misschien alleen door krantenartikelen of zelfs alleen door het Multigroove event op 26 november 2016. In dit boek lees je ‘the inside story’. De uiteindelijke uitkomst was opmerkelijk: de operatie bleek een sof, maar zadelde Ilja wel op met een zwaard van Damocles boven zijn hoofd: een belastingschuld van een slordige drie miljoen. De tijdelijke afwezigheid van het event speelt ook de concurrenten in de kaart. Door de steeds groter wordende dance-scene, de daarbij komende rivaliteit en het feit dat hij (mede door heftig drugsgebruik) kansen laat liggen, is het levend houden van Multi voor Ilja een strijd geworden. Op bladzijde 279 staat een belangrijke zinsnede: ‘krijgt de organisatie niet gestroomlijnd’. Dit toont aan wat het probleem was met Multigroove: een professioneel onprofessionele organisatie. Liefhebbers met passie zonder zakeninstinct, teveel onderdeel van het feest met alle chemische versnaperingen en afleidingen van dien. Voor het laten slagen van een onderneming is echter een leider nodig die de boel naar een hoger plan tilt. Ilja had deze rol moeten vervullen, maar stond zelf teveel onder leiding van zijn eigen Demonen en trekt door zijn verslaving de onderneming lange tijd een donker hol in…

Conclusie
Arne van Terphoven geeft andermaal op smakelijke wijze geschiedenisles. Op aangeven van zij die erbij waren rijgt hij feiten aan elkaar door het verhaal spannend en boeiend te houden. De tijd van de illegale raves, (nog) legale pillen, de start van wat we nu ‘de dance-industrie’ noemen, weet hij feilloos te documenteren. Zij die erbij waren kunnen vol weemoed en melancholie de pagina’s omslaan, anderen zullen (hopelijk) met een glimlach tot hen nemen hoe gasten als Multigroove de bakermat legden voor de waanzinnige ervaringen die wij nu bijna dagelijks ergens in een club of op een festivalweide kunnen opdoen. De meesten die nu actief zijn in de scene zullen hem waarschijnlijk niet kennen, hooguit van verhalen van wat ouwe rotten. Maar: we zijn allemaal schatplichtig aan hem. En dit boek is dan ook een mooi eerbetoon aan Ilja Reiman.

 

Deze recensie verscheen eerder op Partyflock.nl

Celebrate Life

Cover boek Celebrate LifeEr zijn twee uitgaven van het boek: een koffietafelboek met naast de tekst een grote hoeveelheid foto’s en een ‘gewone’ hardcover met daarin zowel Release (deel I) als Celebrate Life (deel II). Een enorm dikke pil van 700 bladzijden. Wel wat fotobladen, maar voornamelijk tekst. Deze review betreft de laatste beschreven uitgave. De eerste 246 bladzijden is het boek ‘Release’ dat uitkwam in 2004. We laten dat op dit moment voor wat het is. We willen immers de smeuïge details van de meest recente periode lezen.

Aan het hoofd van succesvolle bedrijven staan vaak wat excentrieke mensen. Eigenzinnige types waarmee het vaak lastig samenwerken is. Althans dat horen we vaak van ex-werknemers. Zo ook bij ID&T en Q-dance…
ID&T-topman Duncan Stutterheim is geen makkelijk type. Luisterde slecht naar anderen en deed vooral graag waar hij zelf zin in had, omdat hij gewoon vond dat hij gelijk had. Het beter wist. Of hij wilde iets gewoon heel graag. Hij is vooral een aanjager van nieuwe ideeën, krijgt mensen mee met zijn plannen. Hij geeft toe niet tegen kritiek en slecht tegen zijn verlies te kunnen. Niet echt karaktertrekken van een teamspeler. Lange tijd is het nieuwe op de kaart zetten natuurlijk ook het belangrijkste: het bedrijf moet groeien.
Q-dance in de beginjaren wordt beschreven als ware het een soort sekte. Wouter hield de gelederen strak, schreeuwde als iets niet in zijn straatje paste en eiste maximale inzet van iedereen die voor hem werkzaam was. Kwam je na een nacht lang posters plakken een keer om 9:30 in plaats van 9:00 op kantoor dan vroeg hij ‘zo, toch gekomen?’. Maar iedereen ging voor hem door het vuur en zonder hem was Q waarschijnlijk niet geworden wat het nu is. Zonder ID&T trouwens ook niet. Het was de wens op gelijke hoogte te komen en ze te overtreffen die het bedrijf voortstuwde. Tegelijkertijd hebben ze beide enorm van elkaar weten te profiteren.

Voor degenen die er halverwege de jaren 2000 bij waren en discussieerden over ‘Id€t’ is het tof om nu eens te lezen hoe het écht was. Dat er af en toe echt paniekvoetbal werd gespeeld, dat een concept als Innercity inderdaad ten onder ging aan de, wellicht egocentrische, wens te vernieuwen. De geschiedenis rond Trance Energy is niet iedereen bekend: het was niet, zoals velen dachten, direct een vrije keus de trance te laten vallen. Ook lees je over de kentering die Samsung veroorzaakte met een megagrote sponsordeal waardoor Sensation de wereld over ging naar zeventien landen.

Bij sommige hoofdstukken denk ik: het is meer geluk dan wijsheid. Van buiten leek het vaak een steak geoliede machine, zakenmensen op en top, wetend wat te doen en hoe te handelen. Enthousiasme, passie en mazzel deden veel probeersels in successen veranderen. Het is bijvoorbeeld opvallend hoe vaak men eigenlijk in een financiële valkuil liep. Toch kwam ID&T elke klap uiteindelijk, soms met hulp van derden, weer te boven. Nu bestempelen we het als goed zakendoen van Duncan. Maar af en toe had hij het geluk gewoonweg aan zijn kont hangen.

De meesten van ons zaten stiekem vooral te wachten op het verhaal over de verkoop aan SFX. De zakken met dollars. Veel vond in achterkamertjes en aan de andere kant van de grote plas plaats. Wij Nederlanders snapten het niet, misgunden het ze misschien? Het sprak in ieder geval tot onze verbeelding en dat fantasie een loopje met mensen kan nemen, tonen de vele speculaties en verhalen die op onder andere Partyflock de ronde deden. Kern van het verhaal is dat men wel ‘moest’: ID&Q had het nooit gered tegenover powerhouses als AEG, Live Nation en SFX. Doordat de ego’s van de Nederlanders en Pasquale Rotella te groot waren voor een samenwerking, moest haast wel gekozen worden voor geld in plaats van creativiteit. Al moet gezegd dat het niet niet letterlijk de keuze voor geld was. Stutterheim had, misschien ietwat naïef, de wens een wereldwijd opererend conglomeraat te vormen. Q wilde juist niet mee, werd losgetrokken van ID&T.

Uiteindelijk komt het er op neer: zijn ze gewoon keihard genaaid door Sillerman en het leek er lange tijd op dat ze er niet eens voor betaald zouden worden. Voor ons buitenstaanders was het hele SFX verhaal chaotisch en onduidelijk, het boek maakt duidelijk dat het voor de hoofdrolspelers niet per se anders was.

Conclusie
Het is een zeer omvangrijk werk geworden. Het is duidelijk dat Gert van Veen weet waarover hij schrijft, de spelers kent. Voor de nieuwe generatie een geschiedenisboek, een leerschool over hoe een muziekstijl als hardstyle is ontstaan, het hoe en waarom van de steeds heftigere decors en steeds hogere, dikkere stages. Voor de ouwe rotten is het een heerlijk tijdsbeeld. Zij waren erbij en hebben het meegemaakt, zien veranderen. Voor iedereen, generaties overstijgend, is het een superinteressant verhaal. Een kijkje in de keuken van de organisaties die we allemaal kennen, maar waar we eigenlijk weinig van weten…..

Deze recensie verscheen eerder op Partyflock.nl

Wonderful Days – Vincent de Vries

Cover boek Wonderful DaysEen jaar of vijftien geleden had ik een ‘ontmoeting’ met Mental Theo. Ergens Backstage, het feest staat me niet eens meer bij. We werden aan elkaar voorgesteld en toen ik zei dat ik van Partyflock was zei Theo: ‘Dat is toch die site met al die pillenslikkers en snuivers?’ Mijn respons was even snedig als gemeen: Mental Theo? Jij bent toch die gast die op TMF jonge meisjes foute dingen laat doen?’. Mijn opmerking raakte hem niet echt vermoed ik. Het heeft hem in ieder geval geen windeieren gelegd…

Dat is tegelijkertijd misschien het enige dat voor sommigen als nieuw of verbazingwekkend uit de biografie ‘Wonderful Days’ naar voren komt: Theo Nabuurs is een aardige zakenman. Hij is de man achter de Thunderdome-verzamelalbums, hij had een groot aandeel in het succes van TMF (bladzijde 128: ‘En dat zeg ik in alle bescheidenheid’), de door hem geproduceerde single Now you’re gone’ stond wekenlang in de hoogste regionen van de internationale hitlijsten. Ook leren we bijvoorbeeld dat Theo de stroming ‘freestyle’ heeft uitgevonden. Verder is het boek, ondanks de grootse aankondiging op bladzijde 16 (‘Maar je weet nog lang niet alles. En dat ga ik je nu voor het eerst echt allemaal vertellen. Alles.’), best tam. Echt hele wilde verhalen staan er niet in. Véél anekdotes staan er wel in…

Het is alsof Theo en schrijver Vincent de Vries een middag zijn gaan zitten en de eerstgenoemde zoveel mogelijk ervaringen heeft opgelepeld. Het blijft bij het opsommen van de gebeurtenissen waarbij het vooral oppervlakkig blijft. Nou ja, ergens probeert Theo nog wel een soort van (zelf)reflectie toe te passen waar het de ‘break-up’ van Charly Lownoise & Mental Theo betreft, maar het komt niet uit de verf. Hij probeert uit te leggen wat er volgens hem aan de hand was, geeft aan dat hij totaal niet gevoelig was voor de persoonlijkheid/het karakter van Ramon die meer rust nodig had om er vervolgens aan toe te voegen ‘niet dat ik mezelf ook maar iets verwijt. Absoluut niet’. Ook beschrijft hij hoe zijn relatie met model Armanda op de klippen loopt. Dit doet hem kennelijk echt wat, het voelt alleen niet zo als ik het lees. Iedere keer dat het verhaal enige diepgang dreigt te krijgen is het hup! naar de volgende anekdote. Net als we meegenomen worden in de ontluikende liefde tussen Theo en Maaike belanden we plotsklaps in het verhaal over Myrna met eierstokkanker. Al is dit gedeelte het enige dat wel iets losmaakt bij mij als lezer. Er lijkt minder in geknipt en er lijkt meer aandacht aan gegeven te zijn.

Hoe verder ik in het boek beland hoe teleurgestelder ik me voel. Het is een gemiste kans. Ik geloof namelijk echt dat er veel en veel meer uit gehaald had kunnen worden. Waar ik bijvoorbeeld de biografie van Dano niet opzij wilde leggen omdat ik echt het verhaal in gezogen werd en er gevoelens losgemaakt werden, merk ik dat ik er geen moeite mee heb de bio van Mental Theo opzij te leggen om naar een verjaardag te gaan. Het is dus niet voldoende om een kleurrijke persoon te zijn die een interessant leven heeft geleid. Als je het aan het papier toevertrouwt moet de schrijver je ook echt goed begrijpen en kunnen vangen. En wat mij betreft is dat Vincent de Vries in deze jammer genoeg niet goed gelukt.

Deze recensie verscheen eerder op Partyflock.nl

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Wat de fok, ouwe · Het bizarre leven van DJ Dano

Tegenwoordig zijn dj’s supersterren. Er gaan miljarden om in de dance-industrie en iedere platendraaier heeft een gevolg van meerdere mensen: managers, boekers, PR- en persbegeleiders, mental coaches…dat was natuurlijk niet altijd zo. In de begintijd van wat we nu de elektronische muziekscene noemen, stond een artiest er alleen voor.

 

Zo ook Dano, een van de pioniers van de scene. Superster is en was hij zeker ook, maar hij heeft het moeten rooien zonder professionele, zakelijke ondersteuning. Hij had een geheel eigen soort gevolg: chauffeurs, dealers, profiterende ‘vrienden’… het enige dat hij wellicht nog miste was een fluffer die hem kon helpen op het onfortuinlijke moment dat hij kleine Dano niet omhoog kreeg tijdens een door drank en drugs overladen nachtelijke escapade. Voorgaande schetst miniem het leven van de inmiddels opa geworden Daniel Leeflang. Een diepgewortelde passie voor muziek die uitmondde in chaos, gekte, al dan niet chemisch opgewekte hoogtepunten en door diezelfde pillen, poeders en drank aangezwengelde dieptepunten.

Vanuit het perspectief van Dano en zijn directe omgeving wordt uitgebreid beschreven hoe de housemuziek en -cultuur in Nederland tot ontwikkeling kwam en zich evolueerde. Niet alleen Dano zelf is aan het woord. Vooral zijn ex vrouw Sandra geeft interessant commentaar op de persoon achter dj Dano. Ze spreekt opvallend liefdevol en met genegenheid over haar uiterst gecompliceerde ex die haar de meest rottige dingen heeft geflikt. Ook Dano’s ouders, vrienden van vroeger en collega’s uit de scene doen een boekje open over de dj, de persoon erachter, de muziek en de (evolutie van) de scene. Het boek is dus noch een lofzang, noch een klaagzang vanuit louter het ego van Dano zelf. Uiteraard is hij veel aan het woord en lezen we dat hij zijn liefde voor de techno nooit vol heeft kunnen (mogen?!) uiten aan het publiek, we leren hoe en waarom The Dreamteam nu echt uit elkaar is gegaan en welke rol The Prophet hier nu echt in speelde. Het boek vertelt over Dano’s creatieve stilstand na de draconische belastingaanslag van ruim 3 ton gulden die hij kreeg, maar ook over het leven dat het publiek niet meekreeg. De sessies in zijn thuisstudio, zijn verplichtingen als vader en echtgenoot. Het verhaal is verre van objectief, maar dat is juist de verademing. Allerlei feiten kunnen we opzoeken in boeken als ‘Mary Go Wild: 25 jaar dance in Nederland’. Het gaat in ‘Wat de fok, ouwe’ om de mens achter de artiest, om gevoel.

Het boek leest als een trein, al slaat het verhaal hier en daar een stationnetje over. Soms wil je net even meer weten over een gebeurtenis, wil je iets meer uitgediept hebben. Maar schrijver Arne van Terphoven heeft keuzes moeten maken, want met de bijna 400 pagina’s dat het boek nu telt, is wel een maximumdikte bereikt.

Uiteindelijk was het boek voor mij toch vooral een kijkje in het leven, de ziel van een van de iconen uit de dance scene. Daniel Leeflang is een complex en kleurrijk persoon met een plus en een min, hemel en hel, fluffy liefde en keiharde boosheid. Dit alles vindt een weg naar buiten en dit gaat niet altijd zachtzinnig en zeker niet met goede timing. Het ene moment leef je mee, voel je de pijn, de emotie en ben je vol begrip voor de goedzak, held, lieverd, het slachtoffer, maar het volgende moment voel je onbegrip en zelfs kwaadheid jegens de antiheld, de klootzak, de vreemdganger en verslaafde.

‘Wat de fok, ouwe’ is een aanrader en ik spreek hierbij de hoop uit dat uitgever Mary Go Wild meer van dit soort werk gaat uitbrengen. Ik weet zeker dat ontelbaar veel mensen de boeken zullen verslinden.

Score: 90/100
Deze review verscheen op Partyflock.nl.

Dutch DJ’s

Anthony Donner had een droom dit project op te zetten, maar eigenlijk kreeg hij niemand mee. Hij begon met het afnemen van de interviews, maakte foto’s en liet alles uitwerken door een team schrijvers, maar de financiering kwam maar niet rond. Uiteindelijk vond hij in Jeanette Cnossen iemand die wél vertrouwen had en zelf investeerde in het uit de hand gelopen hobbyproject.

De achtergrond
Nederland is een koffietafelboek rijker! En dat klinkt denigrerend, maar is allesbehalve zo bedoeld! Eerder vond ik Mary Go Wild dat in 2013 het levenslicht zag, ook een koffietafelboek. Beschreef dat meesterwerk vooral de evolutie van de Nederlandse dance scene over een periode van een kwart eeuw vanuit een meer cultureel perspectief, het op 29 juni in Club Bell’s gepresenteerde boek ‘Dutch DJ’s’ is (gevoelsmatig) wat commerciëler en beperkt zich vooral tot de ontwikkeling van dj’s. Het is geen chronologische beschrijving van gebeurtenissen, maar een (flinke!) verzameling van interviews met dj’s en professionals werkzaam in de dance-industrie. Het verschijnen van het boek heeft nog wel wat voeten in de aarde gehad. Anthony Donner had een droom dit project op te zetten, maar eigenlijk kreeg hij niemand mee. Hij begon met het afnemen van de interviews, maakte foto’s en liet alles uitwerken door een team schrijvers, maar de financiering kwam maar niet rond. Uiteindelijk vond hij in Jeanette Cnossen iemand die wél vertrouwen had en zelf investeerde in het uit de hand gelopen hobbyproject.Het boek
Wat direct als zeer positief in het oog springt: het is een hardcover uitgave. Voor bijna €60 zou je niets anders verwachten, maar vaak wordt er toch op drukkosten bespaard om de winst te maximaliseren.
Na de eerste indruk volgt een dilemma: hoe ga ik dit boek lezen? Van kaft tot kaft of pik ik eerst de artiesten eruit die ik het beste ken, het leukste vindt of juist de onbekende(re) namen? Ik kies ervoor om steeds een paar interviews te lezen en dan het boek weer weg te leggen. Dit is prima mogelijk, omdat het redelijk korte, beperkte interviews zijn geworden waarbij geen keuze is gemaakt voor een specifieke stroming. Van club, classics en house tot hardstyle, hardcore en frenchcore: je vindt van alle een vertegenwoordiger. Dit zorgt er bij mij voor dat ik ook lees over (sub)culturen die ik niet goed ken en waar ik geen passie voor voel. Sommige artiesten lieten zo’n positieve indruk achter dat ik toch even hun Spotify tracks erbij pakte! Maar, voor sommigen zal het er misschien voor zorgen dat ze het boek laten liggen, omdat er te weinig interessante helden in staan. De scene blijft toch nog steeds best een hokjeswereld, helaas.

Het boek bevat overigens niet louter tekst. Elke geïnterviewde is ook geportretteerd door Donner. De foto’s kennen een consistente stijl en zijn allemaal gemaakt in de (thuis)studio’s van de artiesten. Een voorwaarde van Donner bij het vastleggen. Persoonlijk zal ik tachtig procent van de draaikunstenaars op straat niet herkennen, maar het geeft de boel een prima persoonlijke tint.

Samenvattend
Het is een superleuk verzamelwerk, maar inhoudelijk gezien helaas wat weinig opzienbarend. Het was tof geweest als er soms iets kritischer, iets dieper zou zijn doorgevraagd. De navelstarige algemeenheden en platitudes kennen we inmiddels wel. Juist dit was een kans geweest meer te doen. Desalniettemin zijn er natuurlijk best leuke en interessante feitjes te vinden in al die lappen tekst: 2000 and One draait gratis (hij vraagt geld voor het wachten, reizen et cetera), de eerste plaat van Adaro die opgepikt werd door een grote naam was een trance-track, Angerfist draagt een masker omdat ie niet houd van aandacht en Brennan Heart verloor zijn ouders en is voogd van zijn veel jongere broertje.

Opvallend zijn overigens de interviews met Riel (bekend van Ape Magazine) en journalist Aron Friedman. Zij trekken als een van de weinigen een beetje van leer tegen de (over)waardering van dj’s. Ook Bong-Ra is kritisch en dan vooral op de grote jongens: ‘Grote dj’s draaien in enorme zalen, omdat anders hun ego er niet in past’. Verder lees je toch positiviteit, superlatieven en her en der is er zelfs sprake van zelfbevlekking.

Al met al…terug naar mijn classificatie als koffietafelboek. Handig om je (zakelijke) relaties kado te doen voor in een receptie/wachtkamer of je legt hem achteloos op je eigen salontafel. Geheid dat je bezoek er zeker doorheen zal bladeren en op zoek gaat naar zijn of haar favoriet en misschien even vergeet met jou als gastheer/vrouw te converseren.

Score: 80/100
Deze review verscheen op Partyflock.nl.

The Flying Dutch

The Flying Dutch vond afgelopen weekend voor de tweede keer plaats op drie verschillende festivallocaties. Een week eerder werd al de compilatie-cd uitgebracht.

De meeste nummers die je op deze plaat voorgeschoteld krijgt, zijn reeds volledig grijsgedraaid. Op events alsmede op de reguliere radio. Hoe vet nummers als ‘Hey’ (Fais & Afrojack), ‘Heading up High’ (Armin van Buuren & Kensington), ‘Don’t Look Down’ (Martin Garrix & Usher) en ‘Another You’ (Armin van Buuren & Mr. Probz) ook waren toen we ze voor het eerst hoorden, ik kan me niet voorstellen dat mensen er nog geen versie van hebben op hun muziekspeler.

Hoge (kinderlijke) stemmetjes ken ik nog uit de tijd van de Happy Hardcore. Werd toen verguisd wegens infantiel, tegenwoordig wordt het weer breed omarmd zo lijkt het. Galantis heeft een hit met ‘No Money’ en ook W&W doet mee aan de trend met ‘How Many’. Was ‘vroegah’ dan toch alles beter? Ook Tiësto en Bobby Puma bedienen zich van een oude sample in hun ‘Making me Dizzy’. Als ‘dance-bejaarde’ hoor je me trouwens niet klagen hoor. Het brengt de EDM-jeugd wellicht wat dichter bij ons eerste generatie danceliefhebbers. Geen evolutie zonder historisch besef immers.

‘Harmony’ van Nicky Romero en Stadiumx is al een half jaar oud, maar daarom niet minder die heerlijke festivalknaller die het was toen ie net uitkwam! Zonnetje op je bol, drankje in je hand en gaan! Net zo lekker op een festival klinkt ‘Dat Disco Swindle’ van Firebeatz & Schella. Alleen wel op een heel ander feest of op zijn minst in een andere area. Ook het opvolgende ‘If It Ain’t Dutch’ is weer van een heel andere orde. Een chaotisch gevoel overheerst. ‘It’s all over the place’. De toevoeging van de samenwerking van Armin van Buuren met W&W met die titel kon op deze plaat natuurlijk niet ontbreken. Wat mij betreft had dit trouwens de afsluiter van de schijf mogen zijn. Het is een echte knaller die je in ieder geval een positief gevoel geeft aan het einde.

Conclusie
Verzamelalbums/compilaties, wat kun je ermee? Als liefhebber vrij weinig. Vaak worden ze al voor het evenement uitgebracht en is alleen de albumhoes hetgeen wat het evenement met de plaat verbindt. Deze cd is zelfs geen mix. Was het niet leuker geweest om drie cd’s (rood, wit en blauw) uit te brengen en te laten verzorgen door de hostingpartners van verschillende stages? Of drie headliners te pakken en een consistente mix in het eigen genre te laten produceren om zo in ieder geval gevoel vast te kunnen houden? In plaats van 13 euro te besteden aan een fysiek exemplaar, kun je beter gewoon op Spotify de losse nummers in een playlist gooien. Sterker nog, er is al een TFD afspeellijst. De toegevoegde waarde lijkt zo nog verder geminimaliseerd.

Deze recensie verscheen eerder op Partyflock.nl

Unity & De Drugsinfolijn: informeren op basis van tolerantie

Drugs(gebruik) is en blijft een veelbesproken onderwerp binnen de dance- en uitgaanswereld. Er zijn talloze plaatsen waar je informatie kunt vinden over het gebruik van drugs. Twee van die plaatsen zijn Unity en de Drugsinfolijn. Partyflock interviewde Floor en Nathalie en zij vertellen openhartig over hun ervaringen en hun meningen.
Floor is werkzaam bij Unity en Nathalie bij de Drugsinfolijn van het Trimbos Instituut.

Vertel eens iets over wat jouw organisatie doet en hoe verschilt dit zich met allerlei andere organisaties die je vindt als je vijf minuten Google?
­Nathalie: De Drugs Infolijn is een informatiepunt voor iedereen met vragen over drugs en drugsgebruik. Mensen kunnen ons bellen, e-mailen, chatten en op www.drugsinfo.nl allerlei informatie lezen. We proberen alle vragen zo feitelijk mogelijk te beantwoorden. Omdat we verbonden zijn aan een wetenschappelijk instituut (het Trimbos-instituut) en een goed netwerk van experts onderhouden, hebben we alles in huis om een goed onderbouwd en betrouwbaar antwoord te geven.
Verder hebben we mensen aan de lijn zitten die goed getraind zijn in het voeren van adviserende of ondersteunende gesprekken. We kunnen dus, als je dat wilt, met je meedenken over je eigen drugsgebruik of dat van iemand anders, zonder je te beoordelen of een mening op te dringen.

Floor: Unity is een vrijwilligersproject, voor en door jongeren uit de dance-scene. Wij geven voorlichting aan leefstijlgenoten op grote dance-evenementen en parties. Deze methode van voorlichten heet de peer-to-peer methode. Vertaald uit het engels betekent dit gelijke-naar-gelijke. Vandaar dat de vrijwilligers van Unity ook wel peers worden genoemd. Jongeren zijn eerder bereid informatie aan te nemen van mensen die hetzelfde zijn als zij.
Op dance-evenementen, parties en in clubs geven wij objectief en ‘open-minded’ voorlichting over veiliger gebruik van alcohol en andere drugs. Belangrijkste kernpunten van Unity zijn: Eigen verantwoordelijkheid en het verminderen van risico’s door verspreiding van kennis.
De groep bestaat uit zo’n 100 vrijwilligers vanuit het hele land en is zeer divers: liefhebbers van techno, hardhouse, hardcore, club of trance, je vindt ze allemaal bij Unity. Ondanks de verschillen is het toch een hechte groep, die goed met elkaar overweg kan. Na afloop van het voorlichten wordt er dan ook altijd gezellig met zijn allen genoten van de rest van het feest. De peers zijn niet veroordelend tegenover drugs- en alcoholgebruik. Een groot gedeelte van de groep gebruikt of gebruikte zelf drugs op een recreatieve manier. Het grote verschil met andere organisaties is dat Unity:

  1. out reachend werkt; Unity komt naar je toe!
  2. Unity combineert (wetenschappelijke) kennis met eigen ervaring
  3. Unity werkt met peers en daardoor heeft de eiddoelgroep invloed op de inhoud van de boodschap en de manier waarop deze gecommuniceerd wordt

Hebben jullie ook een bepaalde ‘mission statement’ of is jullie organisatie alleen voor informatie en voorlichting?
Floor: Het is niet onze bedoeling het gebruiken van drugs tegen te gaan, maar antwoord te bieden op vragen over veiliger gebruik, risico reductie, voorbereiding en herstel. Uiteraard hebben wij niet de wijsheid in pacht om alle vragen te beantwoorden. Maar wij beschikken wel over actuele kennis van de verschillende middelen, mogelijke risico’s die gebruik ervan met zich meebrengt en methoden om deze risico’s te minimaliseren. Iedereen, die drugs gebruikt, behoort te weten, dat het gebruik van welk middel dan ook, een bepaald gevaar voor de gezondheid oplevert.
De doelen van Unity zijn:

  • Verhogen van kennis “Just Say Know!”
    Wat is de werking van een bepaalde drug en welke gevolgen kan dit hebben voor de gebruiker?
  • Beïnvloeden normen & waarden “Less = More”
    Hoe vaak en hoeveel gebruik je, welke drugs gebruik je, en onder welke omstandigheden?
  • Bevorderen veiliger gebruik “Prepare & Repair”
    Welke concrete maatregelen verlagen risico’s die het gebruik van drugs met zich meebrengen?

Nathalie: Ja, voorlichting geven is onze belangrijkste taak. We willen informatie toegankelijk maken voor het algemene publiek en voor beroepskrachten, huisartsen, maatschappelijk werkers, docenten enzovoort, zodat zij zelf betere keuzes kunnen maken als het gaat om hun eigen gezondheid of die van anderen. We proberen het ons publiek zo makkelijk mogelijk te maken. Daarom kun je ons nu niet alleen via telefoon, maar ook via chat en e-mail bereiken. En daarom zitten we nu ook op Partyflock.

Waarom is de hulp en informatie over drugs op zoveel verschillende punten te vinden? Zien jullie niet meer in één centraal voorlichtings- en ondersteuningspunt?
Nathalie:ja, eigenlijk is de Drugs Infolijn 11 jaar geleden opgericht om één centraal punt te bieden waar iedereen terecht kan voor drugsinformatie. Maar inmiddels zijn er veel andere informatiepunten bij gekomen. Dat is niet altijd een probleem. In veel gevallen vullen we elkaar goed aan, zoals bij Unity: Unity geeft ‘peer-informatie’ en gaat naar feesten. Dat doen wij weer niet. Ook heeft het Trimbos-instituut zelf meerdere sites voor verschillende doelgroepen. www.uitgaanendrugs.nl is bijvoorbeeld een site die meer gericht is op mensen die tijdens het uitgaan wel eens wat gebruiken en minder op het algemene publiek. Ik denk dat het goed is dat bepaalde doelgroepen hun eigen sites hebben. Maar er zijn inmiddels wel erg veel organisaties en particulieren die een website met drugsinformatie hebben. Ik kan me voorstellen dat het voor veel mensen niet meer duidelijk is waar je nu betrouwbare informatie kunt halen. Gelukkig komt onze website meestal als eerste hit in beeld als je op de term ‘drugs’ googled. Bovendien gebruiken heel veel websites van andere organisaties de drugsinformatie van het Trimbos-instituut. Er is zelfs een systeem waarmee bij een wijziging in de Trimbostekst ook vanzelf de teksten op die websites mee veranderen.

Waarom is, volgens jou, drugs zo verbonden met de dancescene en heeft het zo’n vlucht genomen in de laatste jaren?
Floor: Alcohol- en druggebruik is historisch altijd al verbonden met muziek. Veel muziekstijlen hebben hun specifieke middel. Dance is wat dat betreft niet bijzonder. Bij dance viel de introductie van XTC samen met het populair worden van de house. Bovendien is het palet van middelen waar tegenwoordig uit gekozen kan worden veel groter dan in voorgaande decennia. Naast het aanbod is niet alleen de tijdgeest van invloed maar bepaalt ook de welvaart of men het kan aanschaffen.

Nathalie: Iedere scene heeft zijn eigen cultuur wat betreft middelengebruik. Ik denk dat de dancescene vanaf het begin af aan verbonden is geweest met (stimulerende)drugs. Ook omdat het hand in hand ging met de doorbraak van XTC. Die cultuur is altijd gebleven. Waarom? Misschien omdat de scene mensen aantrekt die in zijn voor experiment en niet bang zijn voor drugs? Misschien omdat er tot diep in de ochtend gedanst wordt en dat nuchter moeilijker is vol te houden? Misschien omdat het binnen de dancescene normaal wordt gevonden dat je iets gebruikt en je er makkelijk aan kunt komen? Misschien omdat het bij deze tijd past om niet te willen wachten tot het leuk wordt, maar dat iedereen het NU leuk wil hebben (wat de consequenties daarvan ook mogen zijn). Het zal allemaal een beetje meespelen.

Wat zijn (de) cijfers met betrekking tot drugsgebruik in de dancescene? Wordt hier überhaupt onderzoek naar gedaan?
Nathalie:Er zijn inderdaad cijfers over gebruik onder het uitgaanspubliek. Maar die zijn wel vaak heel plaatsgebonden. Zo worden er in Amsterdam en andere grote steden wel eens metingen gedaan. Volgens de Amsterdamse Antenne-monitor daalde bijvoorbeeld het aandeel XTC-gebruikers tijdens een uitgaansnacht van 27% naar 8%. Het aantal pillen daalde van 2,4 pillen per avond naar 1,9 in 2003.

Floor: Naar alcohol- en ander druggebruik wordt om de 4 jaar algemeen bevolkingsonderzoek gedaan en worden ook de scholieren op het bassis- en voortgezet onderwijs ondervraagd. In Amsterdam wordt er ook onderzoek gedaan in het uitgaanscircuit. In 1995, 1998 en 2003 hebben ieder jaar zo’n 500 bezoekers van clubs en parties vragenlijsten ingevuld. Alcohol, tabak en cannabis zijn de meest gebruikte drugs. Midden jaren 90 was XTC erg populair en aan het einde van dat decennium zit cocaïne in een stijgende lijn. In sommige scenetjes heeft speed altijd wel een plekje gehad. Begin van deze eeuw is er even een hype geweest rond GHB. Momenteel stabiliseert of daalt het druggebruik. Alleen alcohol blijft rijkelijk vloeien.

Waarom zijn er op dit moment geen testmogelijkheden meer op feesten en wat is jouw mening hierover?
Nathalie: Dit is een beslissing van de overheid. Zij vindt dat ze een verkeerd signaal afgeeft als ze enerzijds bezit van drugs verbiedt, en anderzijds laat zien dat ze accepteert dat er drugs op een feest aanwezig zijn, door er een testservice neer te zetten. Vóór 1996, toen er nog getest werd op feesten, waren overigens een aantal zaken rondom XTC heel anders:
– destijds werden veel vaker pillen ter plekke gekocht en kon het nuttig zijn om direct op een party te waarschuwen voor (gevaarlijke) pillen die verkocht werden op het feest. Tegenwoordig hebben de meeste mensen die iets gebruiken hun pillen al op voorhand aangeschaft.
– destijds was de markt heel anders. Een groot deel van de pillen die in omloop waren, bevatten geen MDMA. De prijs van een pil lag veel hoger, waardoor het meer voor kwam dat er in het uitgaanscircuit en op parties ‘neppers’ werden verkocht. De laatste jaren bevat zo’n 95% van de pillen MDMA.
Het doel van het testen op feesten -ter plekke ‘verkeerde’ pillen signaleren- is nauwelijks nog van toepassing. Het tweede doel van een testservice: voorlichting geven, blijft nog overeind, maar ze doen dit nu dus niet meer op de feesten zelf. Daarvoor heb je nu de mensen van Unity rondlopen. Het DIMS (de organisatie van testservices in Nederland) testen wel nog steeds pillen op testlocaties door het hele land heen (zie www.drugs-test.nl) en geven daarbij ook informatie.

Floor: Voordat het testen op feesten verboden werd door het kabinet Balkenende was de uitvoerende organisatie er allang mee gestopt. De reden hiervoor was dat met de sneltest veel te weinig pillen direct herkend konden worden en er dus geen uitslag aan de klant gegeven kon worden. Feestgangers die een geteste pil zouden willen gebruiken moeten het dus iets beter plannen. Zij moeten minimaal een week voordat ze uitgaan hun pil brengen naar één van de 23 testkantoren. Als de pil herkend wordt krijgen ze direct een uitslag; moet hij naar het lab opgestuurd worden dan kunnen ze een week later bellen voor het resultaat. Deze hele procedure gaat anoniem. Voor meer info: www.drugs-test.nl

In hoeverre houden jullie rekening met hedendaagse trends wat betreft de populariteit qua verschillende soorten drugs?
Floor: Het onderzoek naar de trends in alcohol- en ander druggebruik, waar we het eerder over hadden, wordt gedaan om de drugsmarkt te kennen, mediahypes te kunnen ontkrachten, voorspellingen te kunnen doen voor de toekomst maar vooral om de voorlichting en preventie aan te passen of te intensiveren. Als eind jaren 90 de cocaïne weer populair wordt dan wordt er bij Unity meer aandacht aan dit middel besteed. De kennis van de peers wordt dan bijgespijkerd maar ook worden bijvoorbeeld vragen over coke in de quiz opgenomen.

Nathalie: We proberen er zoveel mogelijk bovenop te zitten. Als er vragen binnenkomen over nieuwe middelen, noteren we dat en houden we het in de gaten, om te kijken of het hier om een trend gaat. We werken daarbij ook samen met het DIMS (coördinatiepunt van testservices). Zij geven nieuwe ontwikkelingen bij de testservices aan ons door. Maar in grote lijnen blijven de onderwerpen van de vragen die we binnenkrijgen toch wel hetzelfde: de meeste vragen gaan over hasj en wiet, daarna over cocaïne en XTC.

Wat zijn op dit moment de belangrijkste ‘trends’ op het gebied van drugsgebruik? Welke gevaren zijn hieraan verbonden?
Nathalie: Grote hoeveelheden alcohol naar binnen werken, is toch denk ik de belangrijkste trend, die steeds opnieuw bij verschillende scenes speelt. Nederlandse jongeren van rond de 14 blijken schrikbarend veel te drinken.
Verder denk ik dat het combineren van drugs met elkaar en met alcohol al een tijdje veel voorkomt. Verder heb je natuurlijk van die kleine trends zoals ketamine, DXM en varianten op Explosion. Maar die zijn vaak maar korte tijd populair en/of alleen onder een specifieke, niet al te grote groep. We merken daarin niet echt een grote landelijke trend en krijgen er niet veel vragen over. Behalve dan van journalisten.

Wat zijn de meest wijdverspreide misverstanden met betrekking tot drugs?
Nathalie: We krijgen bij de Drugs Infolijn nog steeds veel vragen over cannabis en verslaving. Veel mensen denken toch nog dat hasj en weed niet voor afhankelijkheid kunnen zorgen, terwijl heel veel dagelijkse gebruikers maar heel moeilijk kunnen stoppen. Aan de andere kant zijn er ook juist weer mensen die denken dat drugsgebruik altijd problematisch is.
Ook krijgen we veel vragen over aantoonbaarheid van middelen. Mensen denken vaak dat hasj en weed en LSD een eeuwigheid in je lichaam blijven zitten en dan ook nog invloed hebben. Maar zelfs als je dagelijks blowt is weed na 3 weken echt niet meer in je urine terug te vinden.

Tenslotte lijkt het erop dat nog steeds veel mensen slecht op de hoogte zijn van XTC en hersenschade. Veel bellers denken dat het wel meevalt, terwijl er toch duidelijke aanwijzingen zijn dat je echt problemen met je geheugen, stemming en concentratie kunt krijgen. Met name als je regelmatig slikt, meerdere pillen op een avond neemt en middelen combineert wordt het risico groter. Ook de temperatuur in je omgeving speelt een rol: bij een hogere temperatuur lijken mensen sneller hersenschade op te lopen.

Wat is de gekste vraag of opmerking die je hebt gekregen tijdens je werk?
Nathalie: Het leuke van ons werk is dat je steeds weer vragen krijgt die je nog niet eerder hebt gehad. Laatst vroeg iemand bijvoorbeeld wat de Bijbel over drugs zegt. Oh ja, een scholier vroeg ons voor een werkstuk hoe je drugsdealer wordt. Dit soort vragen zetten zelfs ervaren krachten van de Drugs Infolijn wel eens aan het denken…

Op het moment is er nogal wat te doen over het ‘zero tolerance’ beleid dat gevoerd wordt, wat is jullie mening over dit beleid?
Nathalie: Het Trimbos-instituut is een groot voorstander van het Nederlandse beleid waarbij de gezondheid voorop staat. Harm-reduction (niet verbieden, maar zorgen dat mensen die iets gebruiken dat zo veilig mogelijk doen) is het uitgangspunt. Vandaar ook dat het drugsbeleid voor een groot deel is ondergebracht bij het ministerie voor volksgezondheid.
Hoewel de politie aangeeft dat het hen bij een harde aanpak tijdens parties vooral gaat om het aanpakken van dealers en niet om het opjagen van de individuele gebruiker, zijn er signalen dat met name de individuele gebruiker de dupe is van de aanpak. Zoals eerder aangegeven bij de vraag over het testen op parties, kopen bezoekers hun drugs vrijwel altijd voordat ze naar een party gaan. Feesten zelf zijn dan ook niet de meest logische plekken om veel politie in te zetten om de dealers te pakken.
Verder zijn er signalen dat door de harde aanpak tijdens parties meer ernstige gezondheidsproblemen voorkomen. Mogelijk komt dit doordat mensen hun slikgedrag aanpassen en al pillen slikken voordat ze bij het feest aankomen. Zo zouden mensen die normaal twee pillen meenemen (de werkingsduur van een pil is korter dan veel feesten duren) en deze verdeeld over de nacht slikken deze nu in één keer innemen. Hierdoor is er meer kans op fout gaan en schade.
Wanneer de harde aanpak aan wordt gehouden, zou het dus kunnen dat er meer gezondheidsproblemen ontstaan. Terwijl het aantal problemen in Nederland juist heel laag is geworden het afgelopen decennium. De vraag is dus momenteel wat voor voordelen de zero-tolerance aanpak oplevert. Voorkomt het gezondheidsproblemen, of veroorzaak het juist meer gezondheidsproblemen?

Floor: Het begint er op te lijken dat Justitie en politie -in ieder geval in Amsterdam, Haarlemmermeer en Arnhem- een nieuwe doelstelling voor het uitgaanscircuit hebben geformuleerd en deze ook stevig willen gaan handhaven. Zero tolerance is het credo: geen bezit, handel en productie van hard- en of softdrugs. De afgelopen jaren mochten bijvoorbeeld bezoekers van grote outdoor festivals geen softdrugs mee naar binnen nemen. Dieptepunt was in Amsterdam de inzet van 20-25 undercover- en 25 geüniformeerde agenten op een dancefeest met 3500 bezoekers. De bezoekers werden zelfs staande gehouden als ze een consumptiemuntje aan een vriend gaven, hun sleutels of pakje sigaretten in hun broekzak staken of een kauwgompje in hun mond stopten.
Tegenstrijdig is dat gebruik wettelijk is toegestaan, maar bezit niet. Daarvoor is in dezelfde wet een richtlijn geformuleerd dat er geen gerichte opsporing plaatsvindt naar gebruikershoeveelheden. Deze richtlijn lijkt nu te worden losgelaten.
Vanuit gezondheidsoptiek zijn door Unity de volgende bezwaren geformuleerd:
1. Er is geen enkel -internationaal- bewijs dat repressie tegen consumenten leidt tot minder gebruik.
2. De condities waaronder gebruikt wordt veranderen wel waardoor:
A. de risico’s van gebruik groter worden
B. de consumenten minder goed bereikbaar worden voor gezondheidsvoorlichting of EHBO of deze op termijn misschien zelfs gaan mijden
C. de uitgaanders onderduiken in een circuit waar de voorzieningen en controle minder goed verzorgd zijn
Daarnaast heeft een strafrechtelijke aanpak ook onnodige criminalisering, stigmatisering en sociale marginalisering tot gevolg van een groep (jong)volwassenen.
Gebruik kun je niet uitroeien, wel beheersen. Het Nederlandse drugsbeleid heeft als insteek dat het gezondheidsbelang voorop staat. Primair doel van het beleid is dan ook: het voorkomen en beperken van de risico’s van gebruik.

Zien jullie door dit beleid juist meer vragen binnenkomen of worden mensen huiveriger om vragen te stellen of hulp in te schakelen? Verandert jullie werk er überhaupt door?
Nathalie: Een enkele keer krijgen we wel eens een verhaal te horen van iemand die gefouilleerd is, of die snel van tevoren al zijn drugs naar binnen heeft gewerkt. Verder merken we er bij de Drugs Infolijn niet veel van. Het is zeker niet zo dat mensen ons minder gaan bellen. Misschien komt dat omdat ze weten dat ze altijd anoniem blijven.

Floor: ‘Waar gehakt wordt vallen spaanders’ zegt men wel eens. De spaanders zijn echter wel jonge mensen die maatschappelijk geïntegreerd zijn en kiezen om genotmiddelen te gebruiken zonder dat ze daarbij anderen schade berokkenen. Door het hakken lopen ze grote kans gecriminaliseerd en gestigmatiseerd te worden.
Uit de reacties die Unity nu krijgt van bezoekers die zijn aangehouden en gestripsearcht , blijkt vooral een grote verontwaardiging. Ze voelen zich als crimineel behandeld en vinden de aanpak van de politie buitenproportioneel. Ook weten ze niet zo goed wat hun rechten en plichten als burger zijn en hoe ze zich moeten opstellen tegen de intimiderende acties van de politie.
Toch lijkt deze repressie nog niet echt tot de uitgaanders doorgedrongen. Een deel kan het niet echt geloven of denkt dat het wel weer overwaait. Pas als deze extreme repressie doorzet dan zouden weleens de ongewenste neveneffecten als het vermijden van Unity en EHBO zich voor kunnen gaan doen.

Hoe zien jullie die toekomst van het Nederlandse drugsbeleid?
Nathalie: We zijn heel benieuwd. Het Nederlandse drugsbeleid hangt natuurlijk heel erg af van het zittende kabinet en van internationale druk. Hoewel er regelmatig heel duidelijk om een toleranter of minder tolerant beleid wordt gevraagd, denk ik dat het coffeeshopbeleid voorlopig niet ingrijpend zal veranderen.
Met de paddo’s is het nog even spannend: zal er een leeftijdsgrens of andere maatregelen worden verbonden aan de verkoop? Hopelijk weten we daar snel meer over.
Drugs is een onderwerp waar iedereen een mening over heeft en waar de emoties hoog over kunnen oplopen. Niemand wil een coffeeshop naast de school van zijn kind. Maar in Nederland zijn er toch heel veel mensen die achter het tolerante drugsbeleid staan. Op dit moment ben ik trainingen aan het geven aan de Macedonische Drugs Infolijn. Als je hoort met wat voor drugsproblemen zij te kampen hebben, dan denk ik dat het Nederlandse drugsbeleid zo slecht nog niet is.

Wil je meer weten over drugs en het gebruik ervan of wil je in contact komen met Unity of de Drugsinfolijn, ga dan naar de profielen van de twee organisaties of bezoek hun websites: www.unitydrugs.nl // www.drugsinfo.nl

Dit interview verscheen eerder op Partyflock.nl